ECLI:NL:GHARL:2013:CA2181
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling onrechtmatige daad provincie wegens onzorgvuldige bebording tijdelijke wegafsluiting
In deze civiele zaak vordert [appellante], exploitant van restaurant/hotelschip Prinses Maxima, schadevergoeding van de provincie Flevoland wegens vermeende onzorgvuldige bebording tijdens wegwerkzaamheden die de bereikbaarheid van haar bedrijf zouden hebben belemmerd.
De wegwerkzaamheden vonden plaats van november tot december 2009 waarbij de Spijkweg deels was afgesloten. De provincie plaatste borden die de bereikbaarheid van omliggende bedrijven zouden aangeven. [Appellante] stelde dat de borden onduidelijk waren en dat er absolute inrijverboden golden zonder onderborden die bereikbaarheid garandeerden, wat leidde tot omzetverlies.
De kantonrechter oordeelde dat geen sprake was van een absoluut inrijverbod doordat onderborden de bereikbaarheid voor aanwonenden en bedrijven aangaven. Het hof bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de provincie voldoende aannemelijk had gemaakt dat ook op de relevante wegvakken informatieborden waren geplaatst die de bereikbaarheid aangaven. De stelling dat de provincie met foto's zou hebben gesjoemeld werd verworpen wegens gebrek aan bewijs.
Het hof erkende een verschrijving in de locatieaanduiding van de borden door de kantonrechter, maar dit deed niet af aan het oordeel dat de provincie niet onrechtmatig had gehandeld. De vordering tot schadevergoeding werd afgewezen en [appellante] werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst de vordering tot schadevergoeding af.