Belanghebbende voerde een eenmanszaak gericht op juridisch advies, incasso en interventie bij ambulante handel, die hij per 27 februari 2008 staakte. De Inspecteur legde voor 2009 een aanslag IB/PV op gebaseerd op het standpunt dat geen sprake was van een bron van inkomen vanwege het ontbreken van een objectieve voordeelsverwachting.
De rechtbank had de aanslag verminderd, maar het hof moest beoordelen of de activiteiten tussen 1 november 2007 en 27 februari 2008 een objectieve voordeelsverwachting opleverden. Belanghebbende toonde aan over specifieke kennis en ervaring te beschikken, ondersteund door facturen en het aannemen van een werkneemster met relevante scholing.
Het hof concludeerde dat ondanks de korte duur en geringe omzet, bij aanvang redelijkerwijs voordeel kon worden verwacht. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de aanslag en heffingsrente vernietigd en het ondernemingsverlies vastgesteld. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten en griffierecht vergoed.