Uitspraak
Overwegingen:
Beslissing:
[naam jeugdige] .
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft het hoger beroep van een jeugdige tegen de verlenging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen door de rechtbank Den Haag. Het hof heeft de jeugdige gehoord, evenals deskundigen en de advocaat-generaal, en diverse rapportages en adviezen bestudeerd.
De maatregel is verlengd met twaalf maanden vanwege de ernstige gedrags- en hechtingsstoornissen van de jeugdige, het cannabisgebruik en het belang van een gefaseerde overgang naar maatschappelijke begeleiding. De deskundigen en reclassering adviseren voortzetting van behandeling en begeleiding. De jeugdige en zijn raadsman verzoeken onvoorwaardelijke beëindiging, stellende dat het recidiverisico laag is en de maatregel een belemmering vormt.
Het hof oordeelt dat de rechtbank terecht de verlenging heeft bevolen en licht uitgebreid toe hoe de wettelijke regeling van de voorwaardelijke beëindiging van de maatregel werkt. De maatregel eindigt na drie jaar, met een voorwaardelijke beëindiging na twee jaar, tenzij verlengd. De voorwaardelijke beëindiging kan met terugwerkende kracht ingaan, wat complicaties kan veroorzaken. Het hof benadrukt het belang van tijdige aanvang van de voorwaardelijke beëindiging en een gefaseerde begeleiding.
De beslissing van de rechtbank wordt bevestigd met aanvullende overwegingen over de wettelijke regeling en praktische implicaties voor de begeleiding van de jeugdige.
Uitkomst: De verlenging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen met twaalf maanden wordt bevestigd.