Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
heffingsambtenaarvan de
gemeente Borger-Odoorn(hierna: de heffingsambtenaar)
[Z](hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De heffingsambtenaar van de gemeente Borger-Odoorn stelde de WOZ-waarde van een rijksmonumentale woonboerderij vast op €423.000, later bij bezwaar verminderd tot €366.000. Belanghebbende betwistte deze waarde en kreeg bij de rechtbank gelijk met een verdere verlaging tot €346.000. De heffingsambtenaar stelde hiertegen hoger beroep in, terwijl belanghebbende incidenteel hoger beroep instelde.
Het geschil betrof de vraag of de aangekondigde komst van een windmolenpark in het veengedeelte van de gemeente een waardedruk op de woning veroorzaakte. Het hof oordeelde dat de plannen ruim voor de waardepeildatum publiekelijk bekend waren en dat kopers en makelaars hiervan redelijkerwijs op de hoogte waren. Er was geen bewijs dat de woning hinder ondervond van slagschaduw, geluidsoverlast of horizonvervuiling door het park, dat op circa 900 tot 1200 meter afstand zou worden gerealiseerd.
Het hof bevestigde daarom de WOZ-waarde van €366.000 en verwierp het incidenteel hoger beroep van belanghebbende. Daarnaast werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van €500 immateriële schade wegens vertraging in de eerdere procedure bij de rechtbank. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd gedaan op 5 april 2016 door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het hof bevestigt de WOZ-waarde van €366.000 en veroordeelt de heffingsambtenaar tot vergoeding van €500 immateriële schade.