Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
Rias,
[geïntimeerde],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Rias B.V. vorderde betaling voor geleverde materialen waarvan zij stelde dat deze waren besteld door geïntimeerde. Het hof bekeek of de opdracht tot levering en plaatsing was gegeven. Rias bracht getuigenverklaringen in, waaronder van een middellijk bestuurder die verklaarde over een mondelinge afspraak via zijn broer.
De verklaring van deze partijgetuige was onvoldoende omdat deze niet uit eigen waarneming kwam en aanvullende, sterke bewijzen ontbraken. De overige getuigen verklaarden niet over de totstandkoming van de opdracht. Hierdoor kon het hof niet vaststellen dat geïntimeerde opdracht had gegeven.
De levering van materialen bleef onbesproken, maar zonder bewijs van opdracht kon de vordering niet worden toegewezen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde Rias in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De vordering van Rias wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van opdracht.