Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Ontstaan en loop van het geding
2.De vaststaande feiten
2.Algemeen
3.Winstberekening
- Er is geen debiteurenadministratie gevoerd
- Er is geen project/werkenadministratie gevoerd
- Er is geen kasadministratie gevoerd
- Er is geen aansluiting tussen de verantwoorde omzetfacturen en de bankontvangsten
4.Privé kosten welke zakelijk zijn geboekt
27-11-2006 hebben wij schriftelijk de volgende vraag gesteld over deze kostenpost: "Relatiekosten: Onder de relatiekosten wordt een aankoop bij [CC] juweliers geboekt. Onze vraag is wat hier is aangeschaft en met welk doel deze kosten gemaakt zijn". Op 6 december 2006 heeft de adviseur van belastingplichtige de vraag schriftelijk beantwoord als volgt: " Bij [CC] juweliers heeft belastingplichtige schrijfpennen gekocht voor reclamedoeleinden. Belastingplichtige zal op donderdag 7 december 2006 een exemplaar meenemen." Tijdens het inleidend gesprek met mw. [DD] op 7 december 2006 had mw. [DD] een parker pen in een doosje meegebracht. Zij heeft toen gezegd dat de uitgaven bij [CC] betrekking hebben op parkerpennen in een doosje als relatiegeschenk. Wij hebben telefonisch geïnformeerd bij [CC] en daarbij is ons de informatie verstrekt dat [CC] geen pennen verkoopt. Daarom zullen wij de kosten corrigeren.
Uit deze bijlage blijkt het volgende totaal aan aangebrachte correcties :
5.Omzetbelasting
- uit de verklaringen van directeur [FF] van [FF] schilderbedrijf en de heer [GG] van eenmanszaak [S] blijkt dat een appartement van 60 m2 aan schilderwerk en stucwerk maximaal 6.000 euro kost. Op de projecten is voor veel hogere bedragen tegen 6% gefactureerd. Op het project [a-straat] is bv. per appartement ruim 15.000 euro tegen laag tarief gefactureerd. Op het project [e-straat] 144 is zelfs alle omzet tegen 6% gefactureerd, en op het project [e-straat] 1a 83% van de omzet. Aangezien het ging om de volledige interne renovatie van panden is het onmogelijk dat het stuc- en schilderwerk zo een groot deel van de omzet betrof.
- Op de projecten [e-straat] 144 en [e-straat] 1a worden de eerste omzetfacturen van het werk al met 6% opgemaakt. Aangezien stuc- en schilderwerk aan het eind van de renovatie plaatsvindt is dit zeer ongeloofwaardig.
- Uit de verklaringen van onderaannemers en de belastingplichtige blijkt dat belastingplichtige naar zijn eigen wensen opgaf aan de onderaannemer welk omzetbelastingpercentage op de factuur moest komen, of zelf de facturen voor de onderaannemer opmaakte.
- Uit stukken blijkt dat er overlegd werd tussen partijen over het te hanteren omzetbelastingpercentage en dat in dit overleg geen rol speelde welke soort werkzaamheden er waren verricht maar slechts wat financieel het beste uitkwam.
- de eerste factuur van 29-12-2003 vermeldt aan de kop en onderaan "[L]" geschreven met 1 s en het btw nummer is onderaan vermeld.
- Er volgen facturen met aan de kop en onderaan "[L] " geschreven met dubbel s en zonder vermelding van een btw nummer. (bv. 03-01-2004; 08-02-2004; 11-02-2004; 26-03-2004;
- Vervolgens dezelfde facturen nu met het btw nummer rechtsboven. (bv. 27-05-2004; 07-07-2004) De faktuur van 07-07-2004 is er twee keer met hetzelfde factuurnummer en dezelfde omschrijving, 1 keer met btw en 1 keer zonder btw. Beide facturen zijn geboekt, waarbij van de factuur zonder btw zelf btw berekend en geclaimd is.
- Tussendoor treffen we een factuur met bovenaan [L] met dubbel s en onderaan Jansen met 1 s. (21-02-2004) Dezelfde factuur treffen we nog een keer aan, dan met twee keer [L] met dubbel s, gericht aan [H] in plaats van aan L.J. [X] . Beide facturen van € 4.500 met btw verlegd zijn geboekt, 1 keer door zelf de btw erover te berekenen en te claimen en 1 keer door de btw eruit te halen en te claimen.
- Op alle facturen heeft [L] als emailadres [L].nl
- [X] zei of er 6% of 19% BTW op de factuur van [S] moest komen te staan
- De aanneemsom tussen [X] en [S] was dermate laag dat [JJ] zonder het BTW bedrag niet rond kon komen
- [X] wist volgens [JJ], dat de prijs met omzetbelasting nodig was om de verbouwing te kunnen doen
- [S] vermeldde op de facturen wat [X] wilde
- [JJ] vermeldde een BTW bedrag op zijn facturen omdat [X] dat wilde
- De administratie van [S] is pas bijgewerkt na aankondiging van een derdenonderzoek door de belastingdienst
6.Overzicht correcties
3.Het geschil, de standpunten en conclusies van partijen
4.Beoordeling van het geschil
nr. C-129/13 en C-130/13, Kamino en Datema, ECLI:EU:C:2014:2041).
5.Kosten
6.Beslissing
19 april 2016.