Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag en een verzuimboete van 100% opgelegd voor het niet betalen van motorrijtuigenbelasting over de periode 8 augustus 2013 tot 4 juli 2014. De auto had tijdens deze periode een WOK-status en was geschorst. Belanghebbende betwistte niet het verzuim, maar vond de boete disproportioneel vanwege beperkt gebruik van de openbare weg.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het hof oordeelde anders. Het hof nam aan dat de auto ongeveer twee maanden in Marokko verbleef, wat aannemelijk werd gemaakt met transportdocumenten en een factuur van werkzaamheden aldaar. Dit verblijf rechtvaardigde matiging van de boete.
Het hof matigde de boete tot €1.400 en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende. Tevens werd het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoed. De uitspraak benadrukt dat bij schorsing en gebruik van de weg een boete van 100% passend is, tenzij bijzondere omstandigheden zoals langdurig verblijf buiten Nederland matiging rechtvaardigen.