Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De verdere beoordeling van het hoger beroep
NJ2010/273 ECLI:NL:HR:2009:BI8493 (ABN AMRO/Van Dooren q.q. III), HR 7 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:635). Naar het oordeel van het hof doet zich die situatie in dit geval voor. Blijkens de getuigenverklaring van haar voormalig bestuurder [naam directeur] was de financiële situatie bij stichting Zus zo slecht, dat de salarissen en het vakantiegeld van het personeel niet meer betaald konden worden uit de eigen middelen. Volgens [naam directeur] zijn van het van [appellant] geleende geld salarissen en vakantiegeld betaald "want de stichting zat krap bij kas" en had een financieringsprobleem. Duidelijk is dat het onverplicht terugbetalen van de leensom alleen [appellant] tot voordeel heeft gestrekt en dat de (gezamenlijke) schuldeisers daarvan geen enkel voordeel hebben gehad.