Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Zwolle(hierna: de Inspecteur)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, een BV actief in de vloerensector, kreeg naheffingsaanslagen loonbelasting en premies opgelegd over 2009-2013 vanwege niet-belaste privégebruik van een BMW. De Inspecteur stelde dat de BMW ook privé werd gebruikt, ondanks dat alleen de Nissan voor privégebruik werd opgegeven. Belanghebbende voerde aan dat de BMW strikt zakelijk werd gebruikt en beperkte het privégebruik tot minder dan 500 km per jaar, gesteund op verklaringen en een rittenregistratie 2013.
De rechtbank wees het beroep af, maar matigde de vergrijpboete wegens termijnoverschrijding. In hoger beroep leverde belanghebbende aanvullende verklaringen en een rittenregistratie, maar het hof oordeelde dat deze onvoldoende overtuigend bewijs vormden. De brief waarin alleen de Nissan voor privégebruik werd toegekend, werd als partijverklaring gezien zonder objectieve controle.
Het hof bevestigde dat de bewijslast voor minder dan 500 km privégebruik bij belanghebbende ligt en dat aannemelijk maken niet volstaat. De rittenregistratie ontbrak aan controleerbare gegevens en was achteraf opgesteld. Ook het beroep op ongelijk behandeling volgens de Handreiking autobranche faalde omdat belanghebbende niet tot die sector behoort.
Hoewel het standpunt van belanghebbende juridisch onjuist was, achtte het hof haar handelen pleitbaar gezien persoonlijke omstandigheden (oogziekte directeur) en vernietigde de vergrijpboete. De naheffingsaanslagen en heffingsrente werden bevestigd. Het hof veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslagen worden bevestigd, de vergrijpboete voor 2009 wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van grove schuld.