Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Eindhoven(hierna: de Inspecteur)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, die in 2011 een uitkering genoot en verhuisde, had in zijn belastingaangifte verhuiskosten als negatief resultaat uit overige werkzaamheden opgevoerd. De Inspecteur weigerde deze kosten in aftrek te nemen, wat de rechtbank bevestigde. Belanghebbende stelde dat hem op grond van het vertrouwensbeginsel door een medewerker van de Belastingdienst was toegezegd dat de verhuiskosten aftrekbaar waren.
Het hof oordeelde dat de wettelijke bepalingen geen aftrek van verhuiskosten toestaan en dat deze beslissing niet werd betwist. De door belanghebbende gestelde toezegging kon niet worden bewezen omdat de verklaringen onvoldoende werden ondersteund en de Inspecteur de medewerkster niet kon traceren. Hierdoor werd het beroep ongegrond verklaard.
Ook het beroep tegen de aanslag op het verzamelinkomen en de heffingsrente werd ongegrond verklaard, omdat geen zelfstandige gronden werden aangevoerd en de wet correct werd toegepast. Het hof zag geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak werd op 7 februari 2017 gedaan door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de verhuiskosten worden niet in aftrek genomen.