De Inspecteur stelde in 2014 twee informatiebeschikkingen vast betreffende de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2009. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze beschikkingen, dat door de Inspecteur ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende eveneens ongegrond. Belanghebbende ging in hoger beroep bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Het geschil betrof de vraag of de uitspraken op bezwaar voldeden aan artikel 10:3, lid 3, van de Algemene wet bestuursrecht, dat vereist dat de beslissing op bezwaar niet wordt genomen door degene die het primaire besluit heeft genomen. Uit interne e-mails bleek dat de functionaris die de uitspraken op bezwaar deed, ook nauw betrokken was bij het opstellen van de primaire besluiten.
Het hof concludeerde dat de bezwaarafhandeling onbevoegd was omdat dezelfde functionaris mede het primaire besluit had vastgesteld, wat in strijd is met het mandaatvereiste. Het hof gaf de Inspecteur de mogelijkheid om dit gebrek te herstellen via de bestuurlijke lus, door de uitspraken op bezwaar te laten doen door een bevoegde functionaris, met een termijn tot 15 januari 2019. De tussenuitspraak werd openbaar uitgesproken op 4 december 2018.