ECLI:NL:GHARL:2018:636
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid beroep gordelplicht bij stilstand verkeerslicht
De betrokkene werd administratief gesanctioneerd voor het niet dragen van de autogordel tijdens kortstondig stilstaan voor een rood verkeerslicht. Het beroep tegen deze beschikking werd door de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van ingediende beroepsgronden.
Het hof constateerde dat de gemachtigde niet adequaat op het verzuim was gewezen, mede door het ontbreken van een deugdelijke verzendadministratie bij het OM, en vernietigde daarom de niet-ontvankelijkheidsverklaring. Vervolgens beoordeelde het hof het beroep inhoudelijk en oordeelde dat het kortstondig stilstaan voor een verkeerslicht niet betekent dat de betrokkene geen bestuurder is, waardoor de gordelplicht onverkort geldt.
De stelling dat de inleidende beschikking onvoldoende specifiek was, werd verworpen. Ook werd geoordeeld dat de onschuldpresumptie niet werd geschonden door de formulering van de beschikking. Het beroep werd ongegrond verklaard en de advocaat-generaal werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene.
Uitkomst: Het beroep tegen de inleidende beschikking wordt ongegrond verklaard en de proceskosten worden aan de betrokkene vergoed.