ECLI:NL:RBROT:2023:10899
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen aanmaningskosten naheffingsaanslagen digitale verzending
Eiser betwistte de ontvangst van naheffingsaanslagen waarop aanmaningskosten waren opgelegd door verweerder, de invorderingsambtenaar van de gemeente Rotterdam. Nadat eiser de verzendadministratie had ontvangen, stelde hij dat niet kon worden vastgesteld dat de brieven daadwerkelijk waren verzonden, omdat geen envelop of poststuk was overgelegd.
Verweerder stelde dat eiser zich had aangemeld voor digitale verzending via de Berichtenbox van MijnOverheid en dat de aanslagen daar digitaal waren geplaatst. De rechtbank oordeelde dat digitale verzending rechtsgeldig is indien de geadresseerde daarvoor kenbaar heeft gemaakt voldoende bereikbaar te zijn, zoals hier het geval was.
De rechtbank achtte de door verweerder overgelegde verzendadministratie en schermprints voldoende bewijs van verzending en ontvangst, en vond dat eiser onvoldoende had onderbouwd dat hij de aanslagen niet had ontvangen. De stelling dat geen pushmelding was ontvangen, werd door de rechtbank als onvoldoende gegrond beschouwd.
Omdat eiser de aanslagen heeft ontvangen en niet tijdig betaalde, was het in rekening brengen van aanmaningskosten terecht. De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De beroepen tegen de aanmaningskosten werden ongegrond verklaard omdat de naheffingsaanslagen rechtsgeldig digitaal zijn verzonden en ontvangen.