ECLI:NL:GHARL:2019:2005
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Schadestaatprocedure wegens beroepsaansprakelijkheid advocaat door niet instellen cassatieberoep
In deze civiele zaak vordert appellant schadevergoeding wegens de beroepsfout van geïntimeerde, zijn advocaat, die geen cassatieberoep instelde tegen een vonnis van de rechtbank Haarlem uit 1996. De rechtbank oordeelde eerder dat de advocaat aansprakelijk was, maar wees de schadevordering af wegens onvoldoende bewijs van het succes van een cassatieberoep.
Appellant stelde in hoger beroep dat het cassatieberoep kans van slagen had en dat hij daardoor schade leed. Het hof oordeelde dat appellant onvoldoende relevante processtukken en concrete onderbouwing had geleverd om de kans op succes in cassatie te beoordelen. Ook waren de schadeposten onvoldoende gespecificeerd en toegelicht.
Het hof verwierp de grieven van appellant en bevestigde dat de advocaat een beroepsfout maakte, maar dat niet is komen vast te staan dat appellant daardoor schade heeft geleden. Het incidenteel hoger beroep van geïntimeerde over de proceskostenveroordeling faalde eveneens. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland en veroordeelde partijen in de proceskosten van respectievelijk principaal en incidenteel hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst de schadevordering af en bekrachtigt het vonnis dat de advocaat aansprakelijk is wegens het niet instellen van cassatieberoep.