Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Arnhem(hierna: de Inspecteur)
[Z](hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende exploiteert een vakantiepark met bungalows en kampeerterreinen en biedt gasten tegen betaling toegang tot wifi via een code. Over de jaren 2014 en 2015 werd hierover 6% btw aangegeven, terwijl de Inspecteur naheffingsaanslagen oplegde omdat volgens hem 21% btw verschuldigd was.
De Rechtbank Gelderland oordeelde in eerste aanleg dat de naheffingsaanslag onterecht was en stelde de teruggaaf vast. De Inspecteur stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. Het Hof onderzocht of de wifi-verbinding onderdeel was van de hoofdprestatie (logies/kamperen) die aan het verlaagde tarief is onderworpen, of dat het een zelfstandige prestatie betreft.
Het Hof concludeerde dat de wifi-verbinding in 2014-2015 een aparte prestatie vormde, omdat niet alle gasten hiervan gebruik maakten, er een aparte vergoeding voor werd gevraagd, en de wifi voor de gebruikers een doel op zich was. Het gebruik van wifi maakte geen functioneel deel uit van de hoofdprestatie en was dus aan het algemene btw-tarief van 21% onderworpen.
Het hoger beroep van de Inspecteur werd gegrond verklaard, de uitspraak van de Rechtbank vernietigd en het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard. Het Hof zag geen aanleiding om de Inspecteur in de proceskosten te veroordelen.
Uitkomst: De verstrekking van wifi tijdens een verblijf in een vakantieaccommodatie is een aparte prestatie die aan het algemene btw-tarief van 21% is onderworpen.