Uitspraak
[appellante],
1.de (uitgeschreven) vennootschap onder firma
,
Martensplek,
4. Prokx Payroll Select B.V.,
Prokx,
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze arbeidsrechtelijke procedure vordert appellante betaling van achterstallig loon over de periode 2012 tot 2016, stellende dat zij onjuist is ingedeeld in een lagere functiegroep dan waarop zij aanspraak maakt. De werkgever Martensplek en payrollbedrijf Prokx betwisten dit en beroepen zich op de klachtplicht uit artikel 6:89 BW Pro.
Het hof bevestigt dat de klachtplicht in beginsel niet geldt voor loonvorderingen omdat het niet betalen van loon geen gebrek in de prestatie is, maar het uitblijven daarvan. De functie-indeling is geen zelfstandige prestatie waarop de klachtplicht van toepassing is. Bovendien is onvoldoende onderbouwd dat de werkgever door het late protest benadeeld is.
Partijen verschillen over de juiste functiegroepindeling, waarbij de werkgever de indeling in functiegroep 3 handhaaft en appellante aanspraak maakt op functiegroep 5. Het hof constateert dat essentiële informatie over de functieomschrijving en vergelijking met referentiefuncties ontbreekt en acht een comparitie noodzakelijk om bewijs te verzamelen en een mogelijke schikking te onderzoeken.
De comparitie wordt vastgesteld op 2 december 2019 in Leeuwarden, waarbij partijen en hun advocaten hun standpunten nader mogen toelichten. Alle verdere beslissingen worden aangehouden totdat deze procedure is afgerond.
Uitkomst: Het hof wijst het beroep op klachtplicht af en bepaalt een comparitie voor nadere bewijslevering over de juiste functie-indeling.