Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Samen Veilig Midden-Nederland,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen zijn in geregistreerd partnerschap getreden en hebben een minderjarige samen. De rechtbank heeft het partnerschap ontbonden en beslissingen genomen over het hoofdverblijf van de minderjarige en de bewoning van de woning. De vrouw stelde hoger beroep in tegen een beschikking van de rechtbank over de zorgregeling en verdeling van de boedel.
Het hof oordeelt dat het door de vrouw zelf ingediende beroepschrift niet tijdig was ontvangen, aangezien het na de wettelijke termijn van drie maanden binnenkwam. Daarnaast was het beroepschrift niet ondertekend en ingediend door een advocaat, wat wettelijk verplicht is. Het hof gaf de vrouw een termijn om dit te herstellen, maar het door haar advocaat ingediende beroepschrift week inhoudelijk af van het oorspronkelijke, waardoor het verzuim niet werd hersteld.
Daarom verklaart het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk. Het hof wijst erop dat de vrouw een nieuw verzoek kan indienen voor de zorgregeling en kostenbijdrage, en dat een nieuwe procedure mogelijk is voor de verdeling van eventuele overgeslagen goederen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vrouw is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en het ontbreken van advocaatondertekening.