Uitspraak
de curator,
Rabobank,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
4.Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
5.De motivering van de beslissing
NJ 2005, 199) volgt dat "
hypothetische rechtshandelingen, door Faber [1] aangeduid als 'gebeurtenissen die zich hadden kunnen voordoen, maar zich feitelijk niet hebben voorgedaan' volgens de Hoge Raad niet verdisconteert mogen worden" (MvG 13.7).
De Financieringsovereenkomst heeft geleid tot benadeling van schuldeisers van Melkwinning Steenwijk." (MvG 13.6).