Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
Uitspraak van de derde meervoudige belastingkamer
[Z](hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, franchisenemer van een bouwmarktformule, verzocht de Inspecteur om toepassing van de concernregeling van de Wfsv, waardoor zij met ingang van 1 januari 2015 in sector 19 Grootwinkelbedrijf zou worden ingedeeld. De Inspecteur wees dit verzoek af en handhaafde de indeling in sector 17 Detailhandel. Belanghebbende stelde dat de concernregeling toegepast moest worden op het niveau van de gehele groep, waarbij de maatschappelijke functie van het geheel bepalend is, en dat de totale loonsom van de groep boven de grens ligt voor sector 19.
Het Hof stelde vast dat de concernregeling de Inspecteur beoordelingsvrijheid geeft om te beslissen of werkgevers als één economische of organisatorische eenheid in dezelfde sector worden ingedeeld. De Inspecteur heeft deze discretionaire bevoegdheid op redelijke wijze ingevuld door de grootste loonsom binnen de groep als uitgangspunt te nemen, tenzij sprake is van een hulpwerkzaamheid die niet kenmerkend is voor de groep. In dit geval is de grootste loonsom binnen de groep betaald door werkgevers met een loonsom beneden de grens, passend bij sector 17.
Belanghebbendes beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat de situatie van belanghebbende niet gelijk is aan die van andere werkgevers die wel in sector 19 zijn ingedeeld; het relevante verschil is de hoogte van de loonsom binnen de groep. Het beroep werd ongegrond verklaard en het Hof wees vergoeding van griffierecht en proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de sectorindeling in sector 17 Detailhandel blijft gehandhaafd.