Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Zwolle(hierna: de Inspecteur)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, bestaande uit een fiscale eenheid van vennootschappen, verzocht in juni 2013 om teruggaaf van omzetbelasting over 2011, wat door de Inspecteur niet-ontvankelijk werd verklaard vanwege te late indiening. Tevens werd een naheffingsaanslag opgelegd wegens niet voldane omzetbelasting over managementvergoedingen. De Rechtbank Gelderland verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde.
Het Hof oordeelt dat het verzoek om teruggaaf inderdaad te laat is ingediend en dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat de late indiening niet aan haar kan worden toegerekend. De ziekte van bestuurder [B] en problemen met adviseurs rechtvaardigen dit niet. Daarnaast ontbreekt het aan facturen gericht aan belanghebbende voor de bouw van kantoorruimten, waardoor aftrek van voorbelasting niet mogelijk is. De toezegging van de aannemer is onvoldoende als factuur.
Verder oordeelt het Hof dat de huurovereenkomst met [A] B.V. niet voldoet aan de vereisten voor aftrek van voorbelasting, omdat geen rechtsgeldige optie voor belastingheffing is gemaakt. Het beroep op gewekt vertrouwen faalt omdat de gesprekken met de Belastingdienst slechts in algemene termen waren en geen concrete toezeggingen bevatten. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.