Uitspraak
[A](hierna: verzoeker)
De procedure
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de raadsheren Van Dongen en Monsma die betrokken zijn bij zijn hoger beroep in zes belastingzaken. Hij baseert dit verzoek op het feit dat deze raadsheren eerder in vergelijkbare procedures tegen hem een ongunstige uitspraak hebben gedaan.
De wrakingskamer heeft beoordeeld dat het enkel niet eens zijn met eerdere uitspraken geen grond is voor het vermoeden van rechterlijke vooringenomenheid. Er zijn geen aanvullende feiten of omstandigheden aangevoerd die een objectief gerechtvaardigde vrees voor onpartijdigheid rechtvaardigen.
Daarom is het wrakingsverzoek ongegrond verklaard en afgewezen. De beslissing is genomen door de wrakingskamer van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 17 november 2020 en in het openbaar uitgesproken. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de raadsheren Van Dongen en Monsma is afgewezen wegens ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor onpartijdigheid.