Uitspraak
,
.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Appellante trad in 2001 in dienst bij de Belastingdienst en werd in 2017 arbeidsongeschikt. Na re-integratiepogingen en een negatief UWV-besluit, diende zij in december 2019 een ontslagaanvraag in met een beoogde einddatum 1 juli 2020. Zij stelde later dat zij ten tijde van de aanvraag niet wilsbekwaam was en wilde haar ontslag intrekken, wat de Belastingdienst weigerde.
De kantonrechter wees haar verzoeken af, maar het hof oordeelde dat de ontslagaanvraag onder het oude ambtenarenrecht viel, dat een formeel ontslagbesluit vereiste. Omdat de Belastingdienst dit besluit niet heeft genomen vóór de inwerkingtreding van de Wnra op 1 januari 2020, was de arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig beëindigd.
Het hof verklaarde voor recht dat de arbeidsovereenkomst niet is geëindigd per 1 juli 2020 en veroordeelde de Belastingdienst tot het hervatten van salarisbetalingen vanaf die datum. Verzoeken tot aanvullende vergoedingen werden afgewezen wegens strijd met de twee-conclusieregel. De kosten van de procedure werden aan de Belastingdienst opgelegd.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst is niet geëindigd per 1 juli 2020 en de Belastingdienst is veroordeeld tot salarisbetaling vanaf die datum.