ECLI:NL:GHARL:2022:1344
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis opheffing executoriaal derdenbeslag in familierechtelijke zaak
In deze civiele procedure staat de opheffing van een executoriaal derdenbeslag centraal, dat door de vader onder de Staat der Nederlanden, Ministerie van Financiën, is gelegd. Het beslag was gebaseerd op een vonnis waarin omgang tussen de vader en zijn dochter was vastgesteld.
De voorzieningenrechter had het beslag reeds opgeheven en de vader veroordeeld tot restitutie van het uit beslag verkregen bedrag aan de moeder. De vader ging in hoger beroep tegen dit vonnis, maar trok tijdens de mondelinge behandeling zijn vordering voor zover gebaseerd op dwangsommen in.
Het hof oordeelde dat het beslag niet getoetst kon worden omdat de beslagstukken onleesbaar waren en geen nadere stukken waren overgelegd. Dit gebrek aan controleerbaarheid kwam voor rekening en risico van de vader. Het hoger beroep slaagde daarom niet en het hof bekrachtigde het vonnis van de voorzieningenrechter, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst het hoger beroep af wegens onleesbare beslagstukken.