ECLI:NL:GHARL:2022:3771
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Beswerda
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen proceskostenvergoeding bij verkeersboete vernietigd wegens onjuiste samenhang
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de afwijzing van een proceskostenvergoeding door de kantonrechter na een verkeersboete. De officier van justitie had de proceskostenvergoeding toegekend op basis van samenhang met twaalf andere zaken, maar het hof oordeelt dat deze zaken niet (nagenoeg) gelijktijdig zijn behandeld en de werkzaamheden niet identiek waren.
De gemachtigde van de betrokkene voerde aan dat de samenhang ten onrechte werd aangenomen en dat de toegepaste wegingsfactor te laag was. Het hof stelde vast dat de uitnodiging voor de zitting niet deugdelijk was verzonden, waardoor het appelverbod buiten toepassing bleef en het hoger beroep ontvankelijk was.
Het hof vernietigde de beslissingen van de kantonrechter en officier van justitie en kende een proceskostenvergoeding toe van €951,90, waarbij rekening werd gehouden met de juiste wegingsfactoren en het reeds toegekende bedrag. De uitspraak benadrukt het belang van correcte toepassing van samenhang en wegingsfactoren bij proceskostenvergoedingen.
Uitkomst: Het hof vernietigt de eerdere beslissingen en kent een volledige proceskostenvergoeding van €951,90 toe aan de betrokkene.