Uitspraak
[appellant],
NAM,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft een werknemer die na het aanvragen van vroegpensioen bij NAM stelde dat hij door onjuiste of achtergehouden informatie over een nieuwe vrijwillige vertrekregeling (SVS-regeling) financieel nadeel had geleden. Hij vorderde vergoeding wegens dwaling en schending van goed werkgeverschap.
De kantonrechter wees de vordering af, waarna de werknemer in hoger beroep tien grieven indiende en nadere stukken opvroeg, wat werd afgewezen wegens gebrek aan relevantie en concrete aanwijzingen (fishing expedition). Het hof stelde vast dat de SVS-regeling pas na zijn vroegpensioenaanvraag definitief was en dat NAM niet verplicht was hem hierover te informeren of hem te weerhouden van zijn aanvraag.
Het hof oordeelde dat de werknemer onvoldoende bewijs leverde voor zijn stellingen dat NAM hem onjuist had geïnformeerd of informatie had verzwegen. Ook was geen sprake van concrete reorganisatieplannen die al bestonden ten tijde van zijn aanvraag. De vordering werd afgewezen en de werknemer werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van de werknemer af en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter.