ECLI:NL:GHARL:2022:9759
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging aandeelhoudersovereenkomst met wederzijds goedvinden en gevolgen voor bad leaver-bepalingen
Velthuijzen Beheer B.V. en Crayé c.s. waren gezamenlijk aandeelhouders van Ithec ICT B.V. In 2012 sloten zij een aandeelhouders- en managementovereenkomst. In 2016 ontstond onenigheid over beëindiging van de samenwerking. Velthuijzen stelde dat partijen bindende afspraken hadden gemaakt (de juli-afspraak), Crayé c.s. betwistte dit.
De rechtbank verklaarde zich onbevoegd in conventie vanwege een arbitragebeding en wees in reconventie vorderingen van Crayé c.s. grotendeels toe, waaronder de kwalificatie van Velthuijzen als bad leaver en toepassing van relatie- en non-concurrentiebedingen. Velthuijzen ging in hoger beroep tegen deze beslissingen.
Het hof oordeelde dat partijen de aandeelhoudersovereenkomst met wederzijds goedvinden hadden beëindigd, gebaseerd op e-mailcorrespondentie van juli 2016 waarin Velthuijzen akkoord ging met overname van haar aandelen voor €300.000 en het in acht nemen van relatie- en non-concurrentiebedingen. Hierdoor zijn de bad leaver- en good leaver-bepalingen niet meer van toepassing.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank, wees de vorderingen van Crayé c.s. af, en veroordeelde Crayé c.s. tot terugbetaling van reeds betaalde bedragen aan Velthuijzen met wettelijke rente en tot betaling van proceskosten. De veroordelingen zijn uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank, wees de vorderingen van Crayé c.s. af en veroordeelde Crayé c.s. tot terugbetaling en proceskosten aan Velthuijzen.