Uitspraak
[naam1]
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De huurder [naam1] huurt sinds september 2020 een sociale huurwoning van De Goede Woning. In september 2021 stelde de politie vast dat vanuit de woning illegale prostitutie plaatsvond. De verhuurder vorderde ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming, maar de kantonrechter wees dit af. In hoger beroep oordeelt het hof dat sprake is van een ernstige tekortkoming door illegale prostitutie, die ontbinding rechtvaardigt.
De huurder voerde aan niet betrokken te zijn geweest en dat hij de woning bewoont met zijn minderjarige kinderen, met een zwaar behandelingsprogramma en een belang bij een stabiele woonsituatie. De verhuurder betwistte deze omstandigheden en verwees naar overlast, eerdere meldingen van illegale bewoning en drugshandel. Het hof acht de huurder verantwoordelijk voor de activiteiten in de woning, ook tijdens zijn afwezigheid.
Het hof concludeert dat het zwaarwegend belang van de verhuurder bij rust en leefbaarheid in de buurt zwaarder weegt dan het belang van de huurder. Het ontbindt de huurovereenkomst, veroordeelt de bewindvoerder tot ontruiming binnen drie weken en tot betaling van huurpenningen en proceskosten. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden vanwege illegale prostitutie en overlast, met ontruiming en betaling van huur en kosten door de bewindvoerder.