ECLI:NL:GHARL:2023:8467
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep afgewezen in zaak bestuurdersaansprakelijkheid na arbeidsongeval bij laswerkzaamheden
De zaak betreft een arbeidsongeval op 23 december 2016 waarbij appellant, werkzaam als zzp’er voor Brutra Logistiek B.V., brandwonden opliep tijdens laswerkzaamheden in de bedrijfshal van Brutra. De bedrijfshal brandde geheel af en Brutra werd later failliet verklaard. Appellant vorderde schadevergoeding van geïntimeerde, die (middellijk) bestuurder was van Brutra, omdat hij meende dat geïntimeerde persoonlijk aansprakelijk was wegens tekortkomingen in de veiligheid en het ontbreken van een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering.
De kantonrechter wees de vorderingen af omdat appellant onvoldoende stelde dat geïntimeerde persoonlijk een ernstig verwijt kon worden gemaakt. In hoger beroep bevestigde het hof dit oordeel. Het hof overwoog dat voor aansprakelijkheid van een bestuurder naast de vennootschap een persoonlijk ernstig verwijt vereist is, en dat appellant onvoldoende feiten en omstandigheden had gesteld om dit aannemelijk te maken.
Het hof stelde vast dat geïntimeerde niet persoonlijk betrokken was bij de werkzaamheden, dat de leiding op de werkvloer bij anderen lag, en dat er wel degelijk een afzuiginstallatie aanwezig was. Ook het ontbreken van een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering kon niet leiden tot persoonlijke aansprakelijkheid, mede omdat Brutra volgens geïntimeerde wel verzekerd was. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.