Uitspraak
[appellante],
De Alliantie,
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.Het oordeel van het hof
Verduurzamingsplan [adres1] 1 t/m 20 te [woonplaats1]’. Het plan houdt onder andere in dat er een ClimaRad-systeem (hierna ook wel: mechanische ventilatie) in de woning wordt geplaatst. In het plan staat geschreven:
Analyse
Wij ontvingen onderstaande mail via De Groene Stoker.
Bij gebruik van een openhaard dient u te allen tijde te zorgen voor rechtstreekse
gezellige houtkachel’ of met een schouw ‘
waar een haard in kan worden gecreëerd’. Hieruit blijkt dat het geen beleid is van De Alliantie om open verbrandingstoestellen weg te renoveren, aldus [appellante] . Bij een vergelijkbaar verduurzamingstraject van De Alliantie bij woningen in Hilversum zou aan bewoners verder de keuze zijn gelaten om al dan niet mechanische ventilatie in hun woning te laten installeren. Hieruit zou ook blijken dat De Alliantie geen consequent beleid voert. Verder wijst [appellante] op de verklaring van [naam1] van de SNHK (zie 3.11) en stelt dat deze deskundige heeft verklaard dat het stoken van een houtkachel in combinatie met mechanische ventilatie prima kan als deze is voorzien van een ‘uit’- stand. Haar systeem heeft een ‘uit’-stand, zodat de door De Alliantie gestelde noodzaak om de houtkachel af te koppelen en het rookkanaal af te sluiten non-existent is. [appellante] betwist dat die combinatie niet veilig zou zijn. Het rapport van Nieman Ingenieurs waarop De Alliantie zich beroept zou niet zonder meer op haar situatie van toepassing zijn, nu dit rapport uitgaat van een centraal ventilatiesysteem - aangeduid als ventilatiesysteem (van het type) C -, terwijl bij haar een decentraal systeem is geplaatst.
‘een mechanisch ventilatiesysteem’.Om haar oordeel te verduidelijken dat de combinatie van een mechanische ventilatie en een open verbrandingstoestel niet veilig is en risico’s meebrengt voor de gezondheid, werkt Nieman Ingenieurs in de notitie afbeelding 1 tot en met 4 uit
‘waarin het basis ventilatiesysteem C als voorbeeld is genomen.’Dat de conclusies van Nieman Ingenieurs niet zouden gelden voor een decentraal mechanisch ventilatiesysteem, zoals dat bij [appellante] is geïnstalleerd, volgt aldus niet uit het rapport. [appellante] heeft ook onvoldoende aanknopingspunten aangedragen, om anders te oordelen. De stelling van [appellante] dat haar houtkachel ‘prima’ gebruikt kan worden in combinatie met het bij haar geplaatste decentrale systeem, is gezien deze notitie, dus onvoldoende gemotiveerd onderbouwd. Een verwijzing naar het verslag dat [appellante] zelf heeft opgesteld en dat zij als productie 27 bij memorie van grieven in het geding heeft gebracht, voert niet tot een ander oordeel. Zij is zelf geen ter zake kundige en haar verslag onderbouwt ook onvoldoende waarom de conclusies van Nieman Ingenieurs voor het gebruik van open verbrandingstoestellen in combinatie met mechanische ventilatiesystemen niet voor het mechanische ventilatiesysteem van [appellante] zou gelden. De korte e-mails van [naam2] van ClimaRad (zie 3.12 en 3.13) zijn tegen de achtergrond van de uitvoerig gemotiveerde notities van Nieman Ingenieurs, evenmin voldoende om een ander oordeel te rechtvaardigen. Dit klemt te meer omdat [naam2] volledig voorbij gaat aan de door Nieman Ingenieurs genoemde menselijke faalfactor in verband met de verwezenlijking van risico’s die zijn verbonden aan het handhaven van een houtkachel in combinatie met mechanische ventilatie en natuurlijke ventilatie (zie ook hierna onder 3.25).
prima oplossing’) in combinatie met een mechanische ventilatie als deze is voorzien van een ‘uit’- stand, maakt evenmin - op zichzelf beschouwd en in samenhang met het voorgaande -, dat [appellante] het bewijsvermoeden ontzenuwt. Van belang in dit verband is nog dat [appellante] weliswaar stelt dat haar systeem van een ‘uit-stand’ is voorzien, maar zij onderbouwt dit niet adequaat. De Alliantie heeft een en ander gemotiveerd betwist. Tijdens de mondelinge behandeling bij het hof heeft De Alliantie erop gewezen dat, afgezien van de ventilatie in het toilet, de mechanische installatie verder altijd op tenminste een minimale stand aanstaat omdat het systeem anders de luchtkwaliteit niet kan meten. Als er dan iets gedetecteerd wordt, schakelt het systeem over naar een hogere stand. Zou dit anders zijn, dan zou het systeem ook kwetsbaar zijn voor de menselijk faalfactor. Het hof acht op basis van het voorgaande, het onaannemelijk dat het mechanische systeem door [appellante] zelf volledig kan worden uitgeschakeld en gaat aan de stelling van [appellante] op dit punt verder voorbij.