In deze civiele zaak staat de bouw van een bedrijfshal centraal waarbij Meso Verhuur- en Handelsonderneming B.V. als opdrachtgever en Bouw- en Montageservice B.V. als aannemer betrokken zijn. Meso stelde dat er ernstige gebreken waren in het werk van de aannemer, wat leidde tot opschorting van betalingen en een geschil over herstel en vergoeding.
Het hof heeft na deskundigenonderzoek vastgesteld welke gebreken ernstig zijn en herstel vereisen, en welke niet. Voor sommige gebreken, zoals het ontbreken van DPC-folie en afwijkingen in de verdiepingsvloer, is herstel niet redelijk of mogelijk, waardoor vervangende schadevergoeding wordt toegekend. Andere gebreken, waaronder tekortkomingen in de staalconstructie en de kraanbaan, moeten binnen negen maanden worden hersteld.
De rechtbank had eerder de aannemingsovereenkomst gedeeltelijk ontbonden en bepaalde betalingen toegewezen. Het hof vernietigde deze beslissingen waar Meso terecht betalingen opschortte vanwege gebreken. De aannemer wordt veroordeeld tot herstel, betaling van schadevergoeding en terugbetaling van onterecht gevorderde bedragen. Tevens worden proceskosten toegewezen aan Meso. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.