ECLI:NL:GHARL:2024:6762
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging beschikking omtrent opname bedrag en rente van BEM-rekening na overlijden vader
De vader van de minderjarige is in 2022 overleden, waarbij de minderjarige zijn enige erfgenaam is. De moeder heeft diverse machtigingsverzoeken ingediend om bedragen van de BEM-rekening van de minderjarige op te nemen ter compensatie van misgelopen alimentatie. De kantonrechter heeft een bedrag van €500 per maand toegekend voor de periode mei 2022 tot en met oktober 2026 en machtigingen verleend voor opname van specifieke bedragen.
De moeder verzocht in hoger beroep om deze bijdrage te verhogen naar €1.000 per maand en om vrijstelling voor opname van de rente van de BEM-rekening. Het hof heeft de financiële situatie van de moeder en de behoefte aan kinderalimentatie beoordeeld en geoordeeld dat de noodzaak voor een hogere bijdrage onvoldoende is onderbouwd.
Daarnaast oordeelde het hof dat het geen beslissing kan nemen over de opname van rente omdat de rechtbank hierover geen uitspraak heeft gedaan, maar verwijst naar jurisprudentie van de Hoge Raad dat opname van rente zonder toestemming is toegestaan zolang het vruchtgenot niet is uitgesloten.
Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de kantonrechter van 21 maart 2024 en wijst het hoger beroep van de moeder af voor zover het de hoogte van de bijdrage betreft.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter en wijst het hoger beroep af voor een hogere bijdrage en opname van rente.