ECLI:NL:GHARL:2025:5540
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing kantonrechter wegens schending hoorplicht in Wahv-zaak
In deze zaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het hoger beroep behandeld tegen een beslissing van de kantonrechter in een zaak op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De betrokkene werd gesanctioneerd met een boete van €150 wegens het rijden met een voertuig waarvan het keuringsbewijs was verlopen.
De gemachtigde van de betrokkene stelde dat de officier van justitie de hoorplicht had geschonden, verwijzend naar eerdere arresten waarin schending van de hoorplicht na 1 oktober 2023 werd besproken. Het hof stelde vast dat er inderdaad sprake was van schending van de hoorplicht, maar dat dit in deze zaak geen gevolgen heeft voor de opgelegde sanctie, mede omdat de betrokkene door een gemachtigde werd bijgestaan en een extra schriftelijke ronde heeft gekregen.
Het hof vernietigde daarom de beslissing van de kantonrechter en de beslissing van de officier van justitie, verklaarde het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. De betrokkene had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de boete gematigd moest worden, aangezien de schorsing van het kenteken niet was aangevraagd ondanks langdurige reparatie van het voertuig.
De uitspraak bevestigt dat de zorgplicht van kentekenhouders om voertuigen tijdig te laten keuren strikt wordt gehandhaafd en dat schending van de hoorplicht in gevallen met professionele bijstand niet automatisch leidt tot sanctievermindering.
Uitkomst: Het hof vernietigt eerdere beslissingen wegens schending van de hoorplicht, verklaart het beroep gegrond, maar wijst het beroep tegen de inleidende beschikking en het verzoek om proceskostenvergoeding af.