Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Samenvatting
2.De feiten
3.De procedure bij de kinderrechter
4.De procedure bij het hof
- de moeder met haar advocaat;
- de vader;
- [naam1] , namens de raad;
- twee vertegenwoordigers van de GI.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De raad voor de kinderbescherming verzocht de kinderrechter om ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen wegens ernstige bedreiging van hun ontwikkeling in een onveilige thuissituatie. De kinderrechter wees dit verzoek af omdat niet werd voldaan aan het criterium van de aanvaardbare termijn.
In hoger beroep oordeelt het hof anders. Het stelt vast dat er al jaren sprake is van onrust, huiselijk geweld en onveilige leefomstandigheden, met negatieve gevolgen voor de kinderen. Vrijwillige hulpverlening heeft onvoldoende resultaat geboekt, mede door ambivalentie van de ouders en onvoldoende regie van betrokken instanties.
Het hof benadrukt het belang van de kinderen en ziet in ondertoezichtstelling een noodzakelijke maatregel om passende hulpverlening te waarborgen en verdere schade te voorkomen. De ouders tonen bereidheid tot verbetering en het hof geeft hen het voordeel van de twijfel.
Het hof vernietigt de beschikking van de kinderrechter en wijst het verzoek van de raad toe, waarbij de kinderen voor de duur van een jaar onder toezicht worden gesteld van de gecertificeerde instelling. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en de proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof stelt de kinderen onder toezicht van de gecertificeerde instelling voor de duur van een jaar en vernietigt de eerdere afwijzing door de kinderrechter.