ECLI:NL:GHARL:2026:4876
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep afwijzing vordering hogere huurprijs en vernietiging boetebeding algemene voorwaarden
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de huurder een hogere huurprijs verschuldigd was voor bedrijfsruimte, en of boetebedingen in de algemene voorwaarden geldig waren. Het hof bevestigde dat de huurovereenkomst onder artikel 7:290 BW Pro valt, omdat het ging om een ambachts- en kleinhandelsbedrijf met een publiek toegankelijk lokaal.
[Appallante] stelde dat een hogere huurprijs was overeengekomen vanaf 1 januari 2023, maar kon het bewijs daarvoor niet leveren. Hierdoor bleef het vonnis van de kantonrechter, waarin de hogere huurprijs en huurachterstand werden afgewezen, in stand. Ook de eisvermeerdering werd afgewezen.
Daarnaast oordeelde het hof dat de algemene voorwaarden met boetebedingen vernietigd moesten worden op grond van artikel 6:233 sub b BW Pro, omdat de wederpartij geen redelijke mogelijkheid had om kennis te nemen van deze voorwaarden. De gevorderde boete werd daarom afgewezen.
Het hof veroordeelde [appallante] tot betaling van de proceskosten in hoger beroep en verklaarde de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Het hoger beroep slaagde niet, en het vonnis van de kantonrechter werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst het hoger beroep af wegens niet leveren van bewijs voor hogere huurprijs; boetebedingen worden vernietigd.