Uitspraak
1.[appellante]
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep
- de memorie van grieven
- de memorie van antwoord
- het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling die op 10 september 2025 is gehouden.
2.De kern van de zaak
3.De toelichting op de beslissing van het hof
Klopt maar dan moet ik wel de spullen aangeleverd krijgen op tijd die ik nodig hebt”. [geïntimeerde] erkent dat beide partijen ervan uitgingen dat de werkzaamheden eind mei/begin juni 2021 mogelijk zouden zijn afgerond, maar betwist dat dit als een fatale termijn is overeengekomen. Bovendien voert hij aan dat [appellanten] hun afspraken niet nakwamen om materialen aan te leveren die hij in de woning moest verwerken en liep de bouw uit doordat er diverse wijzigingen in de plannen werden doorgevoerd door [appellanten] Naar het oordeel van het hof is de uitwisseling via Whatsapp in het licht van de betwisting door [geïntimeerde] onvoldoende onderbouwing van de stelling dat eind mei als fatale termijn was afgesproken en, voor zover dat al het geval zou zijn, waarom het aan [geïntimeerde] te wijten is dat die termijn niet is gehaald.
€ 15.226,04, zodat de totale aanneemsom (afgerond) € 126.906 bedraagt. [appellanten] hebben (afgerond) € 119.972 betaald. Dat bedrag is opgenomen in het rapport van Top Expertise aan de hand van door [appellanten] verstrekte informatie en [geïntimeerde] heeft zich hierbij aangesloten zodat het hof daarvan uitgaat.
€ 3.870 gecrediteerd wegens minderwerk voor de vloer. Er zou dus nog € 4.600 van die factuur openstaan. Ook de eindfactuur van € 6.409,62 is nog niet betaald. Bovendien is er, volgens Top Expertise, ten opzichte van de oorspronkelijke aanneemovereenkomst voor (afgerond) € 13.003 aan meerwerk geleverd. Ten slotte wijst hij erop dat hij ook werkzaamheden heeft uitgevoerd die als stelpost bij de offerte waren opgenomen en dus ook nog niet zijn meegerekend in de aanneemsom.
condicio sine qua non-verband), de kosten in zodanig verband staan met die gebeurtenis dat zij, mede gezien de aard van de aansprakelijkheid en van de schade, aan de aansprakelijke persoon kunnen worden toegerekend, het redelijk was om in verband met een onderzoek naar de mogelijke gevolgen van die gebeurtenis deskundige bijstand in te roepen en de daartoe gemaakte kosten redelijk zijn. [2] Naar het oordeel van het hof is door het inschakelen van Top Expertise voor het opstellen van het eerste rapport, met als aanleiding dat [geïntimeerde] de werkzaamheden had neergelegd, aan die eisen voldaan. [geïntimeerde] is dan ook aansprakelijk voor de kosten die gemoeid zijn met het eerste rapport van Top Expertise, ter hoogte van € 3.630.
niet meer dan 5 bladzijden. Voor het overige is het bepaalde in art. 2.13.1 Maximumomvang processtukken van het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de gerechtshoven van overeenkomstige toepassing.