ECLI:NL:GHARN:1998:AA1101
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag parkeerbelasting ondanks vermeend defect parkeerautomaat
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd wegens parkeren zonder geldig kaartje bij een parkeerautomaat in de A-straat. Hij stelde dat hij geld had gewisseld en geprobeerd had te betalen, maar dat de parkeerautomaat defect was en geen kaartje uitgaf. Het hof oordeelde dat deze stelling onvoldoende aannemelijk was, mede omdat het Parkeerbedrijf van de gemeente Arnhem geen melding had ontvangen van een defect op die dag.
Verder wees het hof erop dat er meerdere parkeerautomaten in de straat staan met de instructie om bij defect te betalen bij de dichtstbijzijnde automaat. Volgens jurisprudentie geldt de betalingsplicht ook als een automaat defect is. Belanghebbende kon niet aantonen dat betaling onmogelijk was.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de naheffingsaanslag. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 9 juli 1998 in Arnhem gedaan door raadsheer F.J.P.M. Haas.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag parkeerbelasting omdat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat de automaat defect was en betaling onmogelijk was.