ECLI:NL:HR:1995:AA3117
Hoge Raad
- Cassatie
- Stoffer
- Wildeboer
- Urlings
- Zuurmond
- Herrmann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt naheffingsaanslag parkeerbelasting ondanks defecte parkeerautomaat
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd door de gemeente Bussum voor parkeren op 19 januari 1993, bestaande uit belasting en kosten. Na bezwaar werd de aanslag gehandhaafd door het gemeentelijke bestuursorgaan en bevestigd door het Gerechtshof Amsterdam.
In cassatie betoogde belanghebbende dat de kosten niet in rekening mochten worden gebracht omdat de Verordening niet duidelijk maakte onder welke omstandigheden kosten bij naheffing konden worden opgelegd. Ook werd aangevoerd dat de parkeerautomaat defect was, wat volgens belanghebbende tot het niet opleggen van de naheffingsaanslag had moeten leiden.
De Hoge Raad oordeelde dat op grond van artikel 20 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 283a, lid 6, van de Gemeentewet (oude tekst) kosten bij naheffingsaanslagen in rekening mogen worden gebracht. Het defect van de parkeerautomaat leidt niet tot het vervallen van de naheffingsaanslag. De overige klachten werden niet ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad wees het beroep af en veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten. Deze uitspraak bevestigt de rechtmatigheid van kostenheffing bij naheffingsaanslagen parkeerbelasting, ook bij defecte automaten.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de naheffingsaanslag parkeerbelasting inclusief kosten blijft gehandhaafd.