ECLI:NL:GHARN:2000:AA7470
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.J. Matthijssen
- mr Lamens
- drs Van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke naheffingsaanslag omzetbelasting compostering door waterschap bevestigd
Het Waterschap Rijn en IJssel stelde zich op het standpunt dat zij bij het composteren en leveren van compost niet als ondernemer handelt, maar als overheid. De Inspecteur van de Belastingdienst legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op voor de periode juli-augustus 1997, omdat hij dit handelen als ondernemerschap kwalificeerde. Het waterschap maakte bezwaar en kwam in beroep bij het Hof.
Het Hof stelde vast dat het waterschap een publiekrechtelijk lichaam is met een overheidstaak voor waterkwaliteitsbeheer en rioolwaterzuivering. Het composteren van slib is een onlosmakelijk onderdeel van deze overheidstaak en niet gericht op het maken van winst. De verkoop van compost is verliesgevend en dient vooral milieudoeleinden. Het Hof oordeelde dat het waterschap niet handelt onder dezelfde voorwaarden als particuliere ondernemers en daarom niet als ondernemer kan worden aangemerkt voor omzetbelasting.
Daarnaast behandelde het Hof het vertrouwensbeginsel. Hoewel het waterschap vertrouwde op het eerdere standpunt van de Inspecteur, is het rechtvaardig dat de Inspecteur zijn standpunt wijzigt met een redelijke overgangsperiode. Het waterschap kan de financiële gevolgen opvangen via bestaande reserves en toekomstige tarieven. Het Hof concludeerde dat de naheffingsaanslag niet in strijd is met de beginselen van behoorlijk bestuur.
Het Hof wees het beroep af en bevestigde de naheffingsaanslag. Er werden geen proceskosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de naheffingsaanslag omzetbelasting en oordeelt dat het waterschap niet als ondernemer handelt bij het composteren van rioolslib.