ECLI:NL:GHSGR:1995:AW1334
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- Monné
- De Boer
- Lourens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging opschorting opzegging fiscale afspraken tussen Campina en de Staat
In deze zaak stond de vraag centraal of de Staat de door inspecteurs gegeven instemmingsverklaringen met de fiscale behandeling van Campina's certificatenregeling rechtsgeldig had opgezegd. Campina vorderde in kort geding dat de Staat deze opzeggingen ongedaan maakte of opschortte. De rechtbank had de opschorting tot 1 januari 1996 bevolen, maar de Staat ging in hoger beroep.
Het hof oordeelde dat tussen Campina en de inspecteurs geen overeenkomst of vaststellingsovereenkomst was ontstaan, maar dat de instemmingsverklaringen wel toezeggingen vormden waarop Campina mocht vertrouwen. De inspecteurs hadden onrechtmatig gehandeld door de opzeggingen per 1 januari 1993 zonder redelijke overgangstermijn door te voeren, terwijl de complexe reorganisatie van Campina een langere termijn vereiste.
De Staat voerde aan dat de belastingrechter exclusief bevoegd was, maar het hof stelde dat de burgerlijke rechter bevoegd is om over de rechtmatigheid van de opzeggingen te oordelen, ook in kort geding. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde de Staat in de kosten van het principaal appel, terwijl Campina in de kosten van het incidenteel appel werd veroordeeld.
Uitkomst: De opschorting van de opzeggingen door de Staat wordt bevestigd tot ten minste 1 januari 1996 wegens schending van het vertrouwensbeginsel.