ECLI:NL:GHARN:2001:AD4453
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanslag marktgeld wegens onrechtmatige heffing van reclamekosten
Belanghebbende, een marktkoopman met een vaste standplaats op de dinsdagmarkt te Enschede, kreeg voor 1998 een aanslag marktgeld opgelegd door de gemeente Enschede. Deze aanslag bedroeg in totaal ¦ 3.510, inclusief kosten voor elektriciteitsverbruik, aanmaningskosten en dwangbevelkosten. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze aanslag, met name tegen de doorberekening van kosten voor reclame-activiteiten die hij niet wenste en die volgens hem niet ten laste mochten komen van de marktgelden.
De ambtenaar handhaafde de aanslag, waarna belanghebbende in beroep ging bij het Gerechtshof Arnhem. Tijdens de zitting werden de standpunten van beide partijen toegelicht: belanghebbende betwistte dat marktgelden mogen dienen ter dekking van reclamekosten, terwijl de ambtenaar stelde dat het marktgeld een gemengde genots- en gebruiksretributie is en dat het tarief verbindend is volgens de Verordening marktgelden en standplaatsrechten 1998.
Het hof oordeelde dat de Verordening geen grondslag biedt voor het heffen van marktgelden ter zake van het gebruik van de standplaats op het H.J. van Heekplein, en dat de kosten van reclame-activiteiten niet kunnen worden aangemerkt als kosten van de diensten die met het marktgeld worden gedekt. Het beroep van belanghebbende is gegrond verklaard, de uitspraak van de ambtenaar en de aanslag zijn vernietigd. Tevens is de ambtenaar veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De aanslag marktgeld wordt vernietigd wegens onrechtmatige heffing van reclamekosten en de ambtenaar wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.