ECLI:NL:GHARN:2003:AO4517
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling investeringsaftrek en desinvesteringsbijtelling bij inruil vrachtauto
Belanghebbende, een internationaal transportondernemer, vorderde investeringsaftrek over 1999 voor een nieuwe vrachtauto ([c-type]) en stelde dat hij in dat jaar een betaling van ƒ 70.000 had verricht via inruil van een oude vrachtauto ([a-type]). De Inspecteur corrigeerde dit omdat de betaling volgens hem pas in 2000 had plaatsgevonden, conform het betalingscriterium uit de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Het Hof stelde vast dat de eigendomsoverdracht en daarmee de betaling pas in of omstreeks april 2000 had plaatsgevonden, ondanks dat de koopovereenkomst in december 1999 was gesloten. De stelling van belanghebbende dat het risico reeds in 1999 was overgegaan, werd verworpen vanwege de toepasselijke algemene leveringsvoorwaarden.
Belanghebbende voerde subsidiariteit aan dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden omdat anderen in vergelijkbare situaties anders werden behandeld. Het Hof verwierp dit beroep, omdat de Inspecteur een objectieve rechtvaardigingsgrond had voor het gevoerde beleid en geen sprake was van begunstiging.
Ten aanzien van de desinvesteringsbijtelling oordeelde het Hof dat deze in 1999 verschuldigd was, omdat de verplichting tot levering in dat jaar was aangegaan. Het beroep van belanghebbende werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard omdat betaling pas in 2000 plaatsvond en de desinvesteringsbijtelling in 1999 verschuldigd is.