ECLI:NL:GHARN:2005:AU1967
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- F.J.P.M. Haas
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt Box III-inkomen uit Amerikaans trustvermogen voor Nederlandse belastingplichtige
Belanghebbende, een Nederlandse vrouw die in 1988 naar de Verenigde Staten emigreerde en gehuwd was met A, kreeg een aanslag inkomstenbelasting opgelegd over 2001. Deze aanslag betrof een belastbaar inkomen uit werk en woning en uit sparen en beleggen, inclusief heffingsrente. Belanghebbende betwistte de kwalificatie van de inkomsten uit een Amerikaanse trust.
De trust was ingesteld door haar echtgenoot A, die zichzelf tot trustee had benoemd en haar recht gaf op de netto-inkomsten van het trustvermogen, met discretionaire mogelijkheden voor uitkeringen van het kapitaal. Het geschil betrof de vraag of deze inkomsten als periodieke uitkering (Box I) of als inkomen uit vermogen (Box III) moesten worden aangemerkt.
Het Hof stelde vast dat de trustakte voorziet in uitbetaling van netto-inkomsten en dat belanghebbende als begunstigde rechtstreeks aanspraak heeft op deze inkomsten. De aard en het karakter van deze inkomsten zijn gelijk aan inkomsten uit vermogen zonder trust, ondanks de periodieke uitbetaling. Het Hof oordeelde daarom dat de inkomsten in Box III thuishoren.
De aanslag werd dienovereenkomstig verminderd, waarbij het belastbaar inkomen uit werk en woning werd aangepast en het inkomen uit sparen en beleggen werd verhoogd. Tevens werden proceskosten aan belanghebbende toegekend. Het vonnis bevestigt de fiscale kwalificatie van trustinkomsten als vermogen en geeft inzicht in de toepassing van de Wet inkomstenbelasting 2001 op buitenlandse trustvermogens.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting werd verminderd en het recht op netto-inkomsten uit de Amerikaanse trust werd als Box III-inkomen aangemerkt.