ECLI:NL:GHARN:2005:AU5052
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.B.H. Röben
- V.F.R. Woeltjes
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van heffingsrente bij dubbele verrekening voorlopige aanslag inkomstenbelasting
Belanghebbende, gehuwd en werkzaam in de onderneming van haar echtgenoot, ontving een voorlopige aanslag inkomstenbelasting over 2002 van €14.462 gebaseerd op een schatting van het inkomen. Bij de aangifte gaf zij haar arbeidsinkomsten verkeerd aan, waardoor een dubbele verrekening van €14.462 plaatsvond in een beschikking tot vermindering van de voorlopige aanslag, resulterend in een onterechte teruggaaf van €10.987 inclusief €396 heffingsrente.
De Inspecteur corrigeerde deze fout bij de definitieve aanslag en bracht €643 heffingsrente in rekening. Belanghebbende maakte bezwaar tegen de heffingsrente, stellende dat deze te hoog was berekend. Het hof oordeelt dat de oorzaak van de dubbele verrekening bij belanghebbende ligt vanwege onjuiste invulling van de aangifte en dat zij geen actie heeft ondernomen om de fout te herstellen, waardoor zij tijdelijk beschikte over onterecht terugontvangen belasting.
Het hof benadrukt dat heffingsrente een economische benadering volgt om financieringsvoordelen of -nadelen te compenseren en dat alleen in gevallen waarin de Belastingdienst zelf een fout maakt die rente kan worden beperkt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de heffingsrente wordt gehandhaafd.
Uitkomst: Het Gerechtshof Arnhem verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de heffingsrente van €643.