ECLI:NL:GHARN:2006:AZ3271
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.M. de Kroon
- mr. Den Ouden
- prof.mr.dr. Monsma
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling rentevordering uit legaat en winstcorrectie 1999
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1999 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd met een belastbaar inkomen van ƒ 257.623, die na bezwaar gehandhaafd bleef. Het Gerechtshof Leeuwarden verklaarde het beroep ongegrond, maar de Hoge Raad vernietigde dit en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling van onbehandelde stellingen.
Het geschil betrof de vraag of de rentevordering die belanghebbende krachtens een legaat verkreeg, als inkomsten uit vermogen moest worden aangemerkt. Het Hof stelde vast dat de rentevordering betrekking had op niet-betaalde rentetermijnen van 1990 tot en met 1998, die door de erflater als nominale niet rentedragende vordering waren behandeld. De rente was niet kwijtgescholden, maar verloor door de wijze van behandeling haar karakter als rente.
De Inspecteur stelde dat de rentevordering eerst als inkomsten uit vermogen moest worden verantwoord alvorens deze in het ondernemingsvermogen kon worden gebracht, maar het Hof verwierp dit standpunt. Tevens werd vastgesteld dat de winstcorrectie van ƒ 183.589 ten laste van de winst 1999 terecht was, wat leidde tot een vermindering van het belastbaar inkomen tot ƒ 80.724 (€ 36.631).
Het Hof verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, verminderd de aanslag en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 1999 wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van € 36.631.