ECLI:NL:GHARN:2007:BB5008
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingaftrek ter voorkoming van dubbele belasting bij offshorewerkzaamheden
Deze zaak betreft een verwijzingsprocedure van de Hoge Raad naar het Gerechtshof Arnhem over de juiste berekening van de aftrek ter voorkoming van dubbele belasting in het kader van inkomstenbelasting.
De Hoge Raad had geoordeeld dat de belastingheffing over de inkomsten uit werkzaamheden in Denemarken aan Denemarken toekomt en verwees de zaak terug voor nadere bepaling van de aftrek. De Inspecteur stelde dat bij de berekening van het looninkomen dat in de teller van de verminderingsbreuk wordt opgenomen, een evenredig deel van het arbeidskostenforfait in mindering moet worden gebracht. Belanghebbende stemde hiermee in, maar stelde dat vanwege offshorewerkzaamheden de dagenbreuk op 95/174 moet worden gesteld.
Het Hof volgde het standpunt van de Inspecteur en bepaalde dat het in de teller op te nemen bedrag van de aan Denemarken toe te rekenen looninkomsten na aftrek van het arbeidskostenforfait ƒ 91.759 bedraagt. De noemer werd vastgesteld op ƒ 181.147. Het Hof vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en bepaalde dat bij de aanslag rekening moet worden gehouden met deze aftrek. Tevens veroordeelde het Hof de Inspecteur tot vergoeding van de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag aangepast met aftrek van het arbeidskostenforfait bij de berekening van de looninkomsten.