ECLI:NL:GHARN:2008:BC8425
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Steeg
- Vaessen
- Lenselink
- Rechtspraak.nl
Verjaring van dwangsommen wegens niet-nakoming last voortvarende voltooiing ontsluitingsweg
In deze civiele zaak vordert Reesink betaling van dwangsommen van in totaal € 2.268.901,00 wegens vermeende overtredingen door de gemeente van een last tot voortvarende voltooiing van een ontsluitingsweg. De gemeente betwist de verbeurdverklaring van de dwangsommen en stelt dat deze zijn verjaard.
De rechtbank Zutphen oordeelde dat de gemeente niet in strijd heeft gehandeld met de last tot voortvarende voltooiing en wees de vorderingen van Reesink af. Reesink ging in hoger beroep en stelde onder meer dat de verjaringstermijn pas begon te lopen na een bestuursrechtelijke uitspraak van 29 december 2004 en dat de verjaring was gestuit door een beroepschrift en onderhandelingen.
Het hof overweegt dat de last tot voortvarende voltooiing niet afhankelijk was van de bestuursrechtelijke procedure en dat het beroepschrift geen stuiting opleverde voor deze dwangsommen. Ook is onvoldoende gesteld dat onderhandelingen de verjaring hebben gestuit. De dwangsommen zijn derhalve verjaard op 27 of 28 mei 2003.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt Reesink in de kosten van het hoger beroep. Hiermee wordt het beroep van Reesink ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van Reesink ongegrond wegens verjaring van de dwangsommen.