ECLI:NL:GHARN:2008:BG1606
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Valk
- I.E. van Wijland-Kalkman
- Wattendorff
- Rechtspraak.nl
Burenrechtelijke geschil over recht van buurweg en gebruik van erf
In deze civiele zaak staat het burenrechtelijke geschil centraal over het recht van buurweg tussen de eigenaar van perceel [A] en de stichting als eigenaar van perceel [B], dat aan een derde is verhuurd. Het hof stelt vast dat het burenrecht in beginsel aan eigenaars toekomt, maar dat gebruikers met een rechtsverhouding tot de eigenaar ook rechten kunnen ontlenen aan het burenrecht indien zij samen met de eigenaar optreden.
Het hof bevestigt dat de stichting en de gebruiker van perceel [B] sinds 1984 de reed als uitweg hebben gebruikt en dat dit gebruik het vermoeden van een buurwegrecht oplevert. De appellant, voormalig eigenaar van perceel [A], wordt toegelaten tot het leveren van tegenbewijs tegen dit vermoeden. Daarnaast verklaart het hof twee andere appellanten niet-ontvankelijk in hoger beroep.
De procedure wordt voortgezet met een getuigenverhoor onder leiding van een raadsheer-commissaris om het tegenbewijs te beoordelen. Het hof houdt verdere beslissingen aan totdat het tegenbewijs is geleverd en beoordeeld.
Uitkomst: Appellant sub 2 wordt toegelaten tot het leveren van tegenbewijs tegen het vermoeden van een buurwegrecht; overige appellanten worden niet-ontvankelijk verklaard.