ECLI:NL:GHARN:2008:BG1765
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hof oordeelt dat architect activiteiten geen onderneming meer zijn maar passieve beleggingsactiviteit
Belanghebbende, een architect, had voor het jaar 2001 een aanslag inkomstenbelasting ontvangen waarbij het inkomen uit werk en woning was vastgesteld op €378.783, verminderd met een verliesverrekening. Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank waarbij het bezwaar ongegrond werd verklaard, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof Arnhem.
Het geschil betrof de vraag of de voordelen uit het winkelcentrum en overige onroerende zaken als winst uit onderneming of als resultaat uit overige werkzaamheden moesten worden aangemerkt. Het Hof verwijst naar eerdere uitspraken waarin werd vastgesteld dat de activiteiten rondom het winkelcentrum tot een onderneming behoorden, maar beoordeelt of dit in 2001 nog steeds het geval was.
Het Hof concludeert dat belanghebbendes activiteiten zich vanaf 1997 hebben ontwikkeld tot passieve beleggingsactiviteiten, mede gelet op het feit dat hij zijn werkzaamheden als architect had gestaakt, veel in het buitenland verbleef en de exploitatie van het winkelcentrum had uitbesteed. De elementen van ondernemerschap waren in 2001 niet meer aanwezig. De Inspecteur kon niet aantonen dat het winkelcentrum en overige onroerende zaken nog ondernemingsvermogen vormden.
Daarom vernietigt het Hof de uitspraak van de rechtbank en de aanslag, stelt het te verrekenen verlies vast op €62.908 en vermindert het belastbaar inkomen uit werk en woning tot nihil. Tevens worden de proceskosten aan belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: Het Hof vermindert de aanslag tot nihil belastbaar inkomen uit werk en woning en stelt het te verrekenen verlies vast op €62.908.