ECLI:NL:GHARN:2009:BH5051
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beperking periode naheffing motorrijtuigenbelasting bij onterechte taxivrijstelling
Belanghebbende was houder van een personenauto die hij gebruikte voor taxivervoer en kreeg op grond van artikel 72 van Pro de Wet motorrijtuigenbelasting 1994 een vrijstelling van belasting. Na een boekenonderzoek in 2003 concludeerde de Inspecteur dat niet aan de voorwaarden voor de taxivrijstelling was voldaan en legde naheffingsaanslagen en boetes op voor de jaren 1998 tot en met 2000.
De rechtbank verklaarde de beroepen tegen de naheffingsaanslagen ongegrond maar mat de boetes. Belanghebbende ging in hoger beroep tegen deze uitspraken. Het Hof oordeelde dat op grond van artikel 76 van Pro de Wet de naheffing beperkt is tot het tijdvak van de constatering en de drie voorafgaande kwartalen. Omdat de naheffingsaanslagen betrekking hadden op eerdere perioden, vernietigde het Hof de aanslagen en boetes.
Het Hof verwees naar een wetswijziging per 1 oktober 2008 die de mogelijkheid tot naheffing over langere perioden regelt, maar die was nog niet van toepassing op deze zaak. De proceskosten van belanghebbende werden toegewezen aan de Staat. De uitspraak werd gedaan op 18 februari 2009.
Uitkomst: De naheffingsaanslagen en boetebeschikkingen worden vernietigd vanwege de beperkte periode waarover naheffing mogelijk is.