ECLI:NL:GHARN:2009:BI1331
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vergoeding schade door voorlopige hechtenis na sepot
De zaak betreft een hoger beroep tegen de afwijzing van een verzoek tot schadevergoeding ex artikel 89 Sv Pro, nadat de zaak tegen appellant werd geseponeerd wegens gebrek aan bewijs. Appellant vorderde vergoeding voor schade door ondergane verzekering en voorlopige hechtenis.
De rechtbank had het verzoek afgewezen omdat appellant de dwangmiddelen over zichzelf had afgeroepen, en er geen billijkheidsggronden waren voor vergoeding. Het hof heeft het hoger beroep ontvankelijk verklaard, maar overweegt dat appellant betrokken was bij een intimiderend optreden met een groep personen, waarbij onder meer vuurwapens en kogelvrije vesten werden aangetroffen.
De verklaring van appellant dat hij onderweg was naar een feest als uitsmijter wordt door het hof niet geloofd. Gezien de omstandigheden acht het hof geen gronden van billijkheid aanwezig voor vergoeding van de schade door verzekering en voorlopige hechtenis. De beslissing van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hof bevestigt de afwijzing van het verzoek tot schadevergoeding wegens het ontbreken van billijkheidsggronden.